Anticyclisch investeren, juist nu!
Afgelopen maandag was ik bij een bijeenkomst van Bladen in de Balie met als thema “Crisis, wat crisis? Anticyclisch investeren, juist nu!” Bladen in de Balie wordt voortreffelijk door Theo Eijspaart georganiseerd voor het Nederlands Uitgeversverbond (NUV). De bijeenkomsten zijn inhoudelijk sterk, informeel en je loopt er leuke mensen tegen ‘t lijf.
Matthias Boswinkel vertelde over het succes van Studio Room uit Naarden. In deze studio worden publiekstijdschriften als Linda., Oog, La Vie en Rose gemaakt. Lang geleden bezocht ik de studio in Naarden en was erg onder de indruk van de lokatie, de inrichting, de sfeer die er hangt, het vakmanschap en Rozemarijn de Witte. Bij Room hebben ze geen functies op de visitekaartjes, maar Boswinkel runt de studio. Room kent ook geen organisatiestructuur, dat is voor kleine 20 mensen (art directors, vormgevers en projectbegeleiders) ook niet echt nodig. Boswinkel twijfelt ook enorm of hij wil groeien, dat zou immers allerlei consequenties kunnen hebben die negatief werken op het creatieve proces en de kwaliteit. Het kiezen voor kwaliteit boven alles verhindert ook het aannemen van allerlei klussen die voorbij komen, dan ga je kiezen voor kwantiteit en dat gaat ten koste van de passie. Maar hoe gaat Boswinkel dan om met de crisis? Een echt plan is er niet; mocht er minder werk komen voor de Studio, wellicht vertrekken er dan mensen. Wellicht moet Room het digitale domein gaan verkennen, maar dat is ook een specialisme en misschien vinden de huidige mensen dat wel minder leuk…
Studio Room maakt prachtige tijdschriften, wat maakt ze zo bijzonder? Boswinkel:
Onze tijdschriften zijn mooi. Niet gewoon mooi, maar lekker mooi. Zo mooi dat je het bijna kunt proeven.
En over wat wel en niet mooi is en creatitiviteit:
Creativiteit is niet vriendelijk, niet aardig, het is keihard.
Libelle
Libelle chefredacteur Maureen Belderink stelde de vraag ”wie is er opgegroeid met Libelle?” waarna ongeveer de helft van de aanwezigen een hand in de lucht stak.

Het ijzersterke merk Libelle bestaat immers al heel lang en heeft last van een langzaam maar gestaag dalende oplage (zo’n 3 a 4 procent jaarlijks). De getallen van Libelle zijn echter nog steeds bijzonder indrukwekkend: print oplage 485.000 exemplaren, online 450.000 unieke bezoekers. Libelle-uitgever Sanoma besloot zwaar te investeren in Libelle om iets aan de structureel dalende oplage te doen. Het papier kreeg een fikse upgrade en het aantal redactionele pagina’s werd uitgebreid met 20. De helft van de 20 pagina’s wordt nu gebruikt om artikelen ruimer op te zetten (het ‘smeren’) waardoor ze beter ogen, bijvoorbeeld door het openen van artikelen met fraaie fotografie. De andere 10 pagina’s worden gevuld met een dossier. Opvallend is dat de gemiddelde leesduur (‘de leeslast’) niet is toegenomen.
Door niet te bezuinigen, maar juist extra te investeren is de oplagedaling van Libelle gereduceerd tot zo’n 2 tot 3 procent.
Sanoma’s COO-print Henk Scheenstra had de upgrade van Libelle (‘operatie Blink’) resoluut teruggedraaid als de resultaten uit zouden blijven. De jaarlijkse extra kostenpost van 2 miljoen euro moet immers wel terugverdiend worden. Gelukkig blijkt dat de netto advertentiebestedingen in Libelle met 14 procent zijn toegenomen, dat maakt de investering meer dan goed.
Tenslotte zei Scheenstra dat het grote geld op internet niet verdiend wordt door print-uitgaven die online gegaan zijn, maar door native internet-uitgaven als Startpagina, Kieskeurig en Nu.nl.